Aruba heeft zichzelf als doel gesteld om in 2020 alleen nog gebruik te maken van duurzame energie. Het eiland, dat zich uitstekend leent voor duurzame energietoepassingen als zonne-energie, wind- en waterkracht, wacht nu op de eerste investeerders. Intussen blijft het aantal toeristen toestromen.

Bewustwording

De Arubaanse cultuur staat niet bekend om zijn interesse voor het milieu. Toch begint het bij de regering door te dringen dat er iets moet gaan veranderen. Het vakantie-eiland draait voor een groot gedeelte op toerisme. Zij komen voor de zon, de zee en de prachtige stranden. Perfecte bronnen voor de opwekking van energie. De eerste windmolens zijn geplaatst en de plannen voor een tweede windmolenpark zijn al gemaakt. Ook aan de plaatsing van zonnepanelen wordt gedacht.

De overheidsschuld gooit echter roet in het eten. Deze bedraagt maar liefst 75 procent van het BBP. Er is geen budget om om te schakelen naar duurzame energie. Daarom zijn investeerders meer dan welkom. Zo heeft het eiland al een overeenkomst gesloten met Philips voor de plaatsing van LED-verlichting. Daarnaast investeert TNO in de bouw van een duurzame wijk.

Water en energie

Energie vergelijken is in Aruba niet aan de orde. De enige energieleverancier op het eiland is het Water- en Energiebedrijf (WEB). Naast de levering van energie verzorgt het WEB ook de productie van drinkwater uit zeewater. Aruba heeft geen natuurlijke zoetwaterbronnen en het regent te weinig om de neerslag te kunnen gebruiken. Het WEB bezit daarom een van de grootste ontziltingsinstallaties ter wereld. Middels een ontziltingstechniek wordt het zout uit het zeewater gehaald, waardoor het drinkbaar wordt. Het water uit de kraan is dan ook prima te drinken. Ondanks de weinige interesse voor het milieu leren de Arubanen wel om zuinig om te gaan met hun drinkwater. Ook toeristen worden er continu op gewezen om zo weinig mogelijk water te verspillen. Zo zijn de eerste stappen naar een duurzaam Aruba gezet.